Sector
  • Alle onderwijstypen
  • Arbeidsmarkt
  • Basisonderwijs
  • Cluster 1
  • Cluster 2
  • Cluster 3
  • Cluster 4
  • Dagbesteding
  • Eerstegraads lerarenopleiding
  • Gymnasium
  • Gymnasium bovenbouw
  • Gymnasium onderbouw
  • Havo
  • Havo bovenbouw
  • Havo onderbouw
  • Hbo
  • Mbo
  • Pabo
  • Po
  • Praktijkonderwijs
  • So
  • Speciaal basisonderwijs
  • So/Vso
  • Tweedegraads lerarenopleiding
  • Vervolgonderwijs
  • Vmbo
  • Vmbo bovenbouw
  • Vmbo bovenbouw gl
  • Vmbo bovenbouw kb
  • Vmbo bovenbouw tl
  • Vmbo onderbouw
  • Vo
  • Volwasseneneducatie
  • Vso
  • Vve
  • Vwo
  • Vwo bovenbouw
  • Vwo onderbouw
  • Wo
Vakgebied
  • Bewegen en sport
  • Bewegingsonderwijs
  • Lichamelijke opvoeding
Vakinhoud
  • Gezond bewegen
Leerplankundig thema
  • Onderzoek / Evaluatie
Vakspecifiek thema
  • Actieve leefstijl

Sportblessures door bewegingsonderwijs

14-9-2015
VeiligheidNL. (2012). Sportblessures door bewegingsonderwijs. Amsterdam: VeiligheidNL. Geraadpleegd op 23 augustus 2013, van www.veiligheid.nl/cijfers/sportblessures-door-bewegingsonderwijs
Dit rapport is van belang voor docenten en vaksecties bewegingsonderwijs, schoolleiders en curriculumontwikkelaars. Het betreft data verzameld door VeiligheidNL over ongevallen en blessures gerelateerd aan het bewegingsonderwijs. Jaarlijks ontstaan gemiddeld 47.000 blessures tijdens bewegingsonderwijs in het basisonderwijs en 140.000 in het voortgezet onderwijs. Dit leidt onder andere tot ongeveer 8.000 behandelingen op een Spoedeisende Hulp (SEH) afdeling. Drie tot vijf procent van de geblesseerde leerlingen wordt na behandeling op de SEH-afdeling opgenomen in het ziekenhuis. Vaak is niet duidelijk wat de leerling precies aan het doen was toen de blessure werd opgelopen. Zover de specifieke activiteit bekend is, staat zowel in het basis- als voortgezet onderwijs voetbal bovenaan gevolgd door basketbal en trampolinespringen. Verder is duidelijk dat blessures vooral worden opgelopen door een val en door contact met een bal. Een val, en dan vooral een val van hoogte (bijvoorbeeld van een gymtoestel), leidt gemiddeld tot ernstigere blessures dan contact met een bal. Op de derde plaats komen blessures door lichamelijk contact. Bovenstaande geldt voor beide typen onderwijs alhoewel de verhoudingen wat verschillen.